Archief voor de ‘Het Nieuwe Regeren’ Categorie

De publieke sector heeft in de afgelopen decennia een indrukwekkende digitale transformatie doorgemaakt. Toch is de implementatie van strategische digitaliseringstrajecten, zeker binnen internationale contexten, zelden een rechtlijnig proces. De complexiteit zit niet alleen in technologie, maar zeker ook vooral in governance, verandermanagement en het menselijke aspect. Zeker wanneer meerdere internationale organisaties betrokken zijn, de diversiteit van culturele normen en waarden groot is dan neemt de mate van coördinatie, afstemming en diplomatie exponentieel toe. In dit blog geef ik vijf tips voor professionals die strategische digitaliserings-programma’s binnen de (internationale) publieke sector met partners (willen) realiseren.

Internationale samenwerking is enerzijds voor sommige mensen een ‘ver van je bed show’, echter wordt de wereld anderzijds in een rap tempo voor velen steeds kleiner en kleiner. Nieuwe verbanden en vormen van samenwerking dienen zich aan, maar ook bestaande samenwerkingen staan enorm onder druk. Zonder de totale wereldproblematiek te bespreken lift ik graag een aantal zaken op en benut focus in dit blog op de vaak onderbelichte succesfactoren van (internationale) samenwerking: Governance, People- & Change Management.

Governance: Begin met robuuste, afgestemde en gedeelde governance — en bovenal houdt die levend in alle geledingen!

Voor internationale samenwerkingen is een heldere governance niet optioneel, maar essentieel! Het onomwonden vastleggen van de organisatiestructuur van een project of programma inclusief de Taken, Bevoegdheden en Verantwoordelijkheden (TBV’s) geeft duidelijkheid en stimuleert een zakelijke houding bij alle betrokkenen. Hierbij moet zeer zeker rekening worden gehouden dat verschillende landen en/of organisaties hun eigen structuren, belangen en wettelijke kaders meebrengen. Wat “transparantie” betekent in Nederland, kan een andere invulling hebben in Duitsland, Frankrijk of elders binnen Europa of zelfs wereldwijd. Het verdient de aanbeveling om vóór de feitelijke start van een traject een gezamenlijk raamwerk voor governance te ontwikkelen. 

Tip: Zorg dat het raamwerk de volgende facetten expliciet maakt:

  • Welke formele rollen zijn er en met welk mandaat?
  • Welke besluitvormingsstructuren zijn van toepassing op welke niveaus?
  • Wie is waarvoor verantwoordelijk (koppeling mens/rol)?
  • Welke escalatieniveaus en – procedures gelden er bij (potentiële) conflicten?
  • Welke (internationale/nationale) wet- en regelgeving is leidend bij interoperabiliteitsvraagstukken of veiligheid- of privacyaspecten? (GPDR, NIS2 etc.) 

De beschrijving van een governance is geen statisch onderdeel van een programma of project! Het is een levend document. Plan daarom periodiek, zeker op bijvoorbeeld bij overgangen van fasen of behalen van andere mijlpalen, herijkingsmomenten om te toetsen of het raamwerk nog actueel is en in de praktijk de uitwerking heeft zoals initieel is bedoeld. Vastgelegde zaken kunnen te allen tijde aan wijziging onderhavig zijn gedurende de voorbereidingen en uitvoering van een programma of project. Het toepassen van een formele wijzigingsprocedure helpt om bij eenieder het respect te behouden omdat iedere stem moet worden gehoord. Voor grotere wijzigingen in de governance zoals organisaties of mandaten is het noodzakelijk om een dergelijke procedure te doorlopen, echter voor kleinere wijzigingen als personele bezetting van rollen kan worden volstaan met een geaccordeerde vereenvoudigde (schriftelijke) procedure van melding bijvoorbeeld.

Verandermanagement: Het is meer dan een communicatieplan

Een van de grootste valkuilen in digitaliseringstrajecten is het reduceren van het verander-management tot een set communicatieactiviteiten. Het alleen voorzien van informatie aan de deelnemende partijen d.m.v. “relatief eenvoudige updates” is zeker niet genoeg. Internationaal werken betekent werken en omgaan met verschillende veranderparadigma’s: waar de ene organisatie Agile denkt, is de andere nog hiërarchisch en lineair georganiseerd. Dit brengt een extra spanningsveld met zich mee waarover intensief moet worden gesproken. Het willen leren van elkaars manieren van denken en doen plus de diversiteit in culture aspecten zoals normen en waarden vormen hier een cruciale factor. De aanname dat men alle facetten van huis uit begrijpt, zelfs bij het spreken van een soortgelijke voertaal, kan bij de aanwezigheid van de diversiteit toch enorm verschillen. Communicatie dient dan ook altijd te worden getoetst op de kaders van begrip.

Tip: Gebruik een adaptieve veranderaanpak, gecombineerd met sensitiviteit en empathie voor de betrokkenen zowel lokaal als internationaal. Stel in onderling overleg per betrokken organisatie of geografische locatie een lokale verandermanager aan, die zowel thuis is in de lokale cultuur en bij voorkeur ook de taal spreekt. Het uitvoeren van een internationale digitale transformatie vraagt om vaardigheden die meestal niet standaard tot het arsenaal van gemiddelde professional behoren. Het krijgen van de kans om te leren over (samen)werken in een internationale context en het gebruiken van nieuw aan te leren of uit te bouwen (sociale) vaardigheden is wel een geweldige ervaring.

Investeer bij het aangaan van internationale samenwerking ook in het creëren van “eigenaarschap” op álle lagen van de deelnemende organisaties. Als mensen het gevoel hebben dat zij enige vorm van invloed kunnen en mogen hebben op de opkomende veranderingen of juist mogen meedenken hoe de veranderingen kunnen worden uitgevoerd, dan wordt veel weerstand weggenomen. Zelfs indien er andere besluiten volgen voor uitvoering, kan er dan begrip worden opgebracht als het draagvlak verder in grote mate wel aanwezig is. Samen werken aan samenwerking is belangrijk.

People Management: Mensen verdienen net zoveel aandacht als Technologische Innovatie

Het uitvoeren van een digitaliseringstraject wordt te vaak als een technologisch project gepositioneerd, terwijl het in essentie meestal een stevig sociaal verandertraject is. Zeker bij internationale samenwerking bestaat dan de kans op het botsen van de verschillende werkwijzen, communicatiestijlen en verwachtingen. De neiging bestaat om dit voor de goede orde onder de radar te houden — met als gevolg frustraties, vertragingen en in het ergste geval: afhaken van partners, echter de houdbaarheid van de internationale samenwerkingsverbanden komen hierbij direct onder druk te staan. Het is dus noodzakelijk om al in de voorbereidingen van een traject om de denkwijze van alle betrokkenen te scherpen dat digitaliseren echte veranderen betekent! En niet het ‘slechts’ implementeren van een technologische innovatie. 

Tip: Investeer daarom expliciet in het bewust begeleiden van medewerkers door het aanbieden van trainingen, begeleiding, coaching, kortom het brede spectrum van People Management. 

Om iedereen deelgenoot te laten voelen en ervaren bij een internationaal traject is het essentieel om interculturele trainingen voor individuele medewerkers en complete teams te faciliteren. Zet daarmee ook in op het ontwikkelen van teams door bewezen modellen als voorbeeld en inspiratie te benutten zoals bijvoorbeeld Tuckman. Duidelijkheid in structuren, taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden geven mensen en organisaties het houvast die nodig is, zeker als het mogelijk even niet loopt zoals gepland of verwacht.

Een belangrijk – vooral niet te onderschatten – facet van teams is de verantwoordelijkheid van alle opdracht- en leidinggevenden om de psychologische veiligheid van de medewerkers te bewaken en te borgen. Het is cruciaal dat mensen in de gehele gremia zich veilig en vertrouwd moeten voelen en openhartig zich mogen uiten over situaties die zich voordoen in het traject, in het team, in de organisatie of in de samenwerkingsverbanden. Dit geldt zowel in fysieke bijeenkomsten als in digitale samenwerkingsomgevingen. Het faciliteren van een veilige werkomgeving is onlosmakelijk verbonden met verantwoordelijkheid van iedere betrokkenen binnen het traject en daar buiten. Sociale vaardigheden als (bestuurlijke) sensitiviteit en (persoonlijke) empathie zijn bij internationale samenwerkingsverbanden onmisbaar. Uiteraard is er veel te leren, maar als je van huis uit het moeizaam vindt om bijvoorbeeld te in te leven, dan is het extra complex om deelgenoot te zijn in een traject waar vele culturele stromingen elkaar ontmoeten. 

Tip: Het inzetten van rollen om People Management inhoud te geven binnen het traject is dus geen overbodige luxe maar een noodzakelijk gegeven. Het succes van ieder digitaliseringstraject is afhankelijk van de mate van adoptie van de verandering door de organisatie en de mens. Van het de aanwezigheid van coachende leiders tot vertrouwenspersonen binnen de (internationale) deelnemende organisaties, en deze ook met elkaar te verbinden op basis van onderwerp, kunnen echte duurzame en goedwerkende internationale samenwerkingsverbanden ontstaan. Let wel, de mens centraal stellen boven de technologie, zelfs bij het innoveren met kunstmatige intelligentie is voor vele organisaties soms een brug te ver. De oorzaak hiervan laat ik even voor wat het is, maar het gevolg is dat we relatief veel energie moeten besteden aan het bewustzijn van leidinggevenden dat zij altijd het voorbeeld vormen in de organisatie voor alle betrokkenen. Echte veranderingen beginnen bij goede plannen, betrokkenheid van alle niveaus en duidelijke afspraken. Hier vormt de mens echt de cruciale factor voor succes omdat gedigitaliseerde processen nu eenmaal altijd in nullen en enen verlopen en digitale afspraken altijd zwart/wit zijn om goed te kunnen werken. 

Voorbehoud: Het laatste standpunt is op basis van persoonlijke mening over geautomatiseerde en gedigitaliseerde processen. Natuurlijk is dat genuanceerder met alle moderne innovaties, maar de essentie is dat mensen nu eenmaal anders werken dan computers. De flexibiliteit in denken en doen zoals mensen van huis uit doen, is niet vanzelfsprekend bij het gebruik van digitale middelen. Een standaard computerprogramma, m.u.v. Generatieve AI, bedenkt niet spontaan andere oplossingen.

Tip: Organiseer tijdens een internationaal programma of project ook online samenkomsten met een sociaal karakter. Een moment waar men gezamenlijk onder genot van een lokaal drankje samen informatie uitwisselen over de culturele aspecten waar mensen trots op zijn. Of waar men lokaal van aangeeft waarde aan te hechten als andere mensen deze facetten begrijpen. 

Voor de leiding van de deelnemende organisaties en het digitaliseringstraject moet het duidelijk zijn dat dergelijke onlinebijeenkomsten onmisbaar zijn om internationaal te kunnen samenwerken. Het is niet altijd mogelijk om elkaar fysiek te ontmoeten, dus ben je vaak aangewezen op de digitale werkomgeving. Een belangrijke kanttekening geldt uiteraard ook voor de medewerkers. Het uitgenodigd worden voor een online projectoverleg of informatiebijeenkomst is veelal niet vrijblijvend. Wederzijds is er altijd wel een behoefte voor actieve uitwisseling van informatie dus participatie bij zo’n overleg of bijeenkomst is dan ook nodig. Hier hebben medewerkers ook een serieuze verantwoordelijkheid om niet alleen aanwezig te zijn, maar zelf ook actief deel te nemen.

Het betekent focus hebben bij de deelname. Welke zaken niet passen is aan eenieder zelf maar de ware professionals weten welke vergaderdiscipline past bij welk overleg of bijeenkomst. Ook hier gelden internationaal soms andere culturele normen en waarden. Het blijft dus relevant om bij internationale trajecten met elkaar voorafgaand aan de start goede uitgangspunten te bespreken en vast te leggen. Gaandeweg het traject gaan er ongetwijfeld afspraken evolueren naar nieuwe of herziene afspraken welke bijdragen tot het succesvol borgen van de samenwerkingsverbanden.

Programma: Werk programmatisch, maar stuur ook op impact en niet op opleveringen alleen

Strategische digitalisering vereist een programmatische benadering: gefaseerd, doelgericht en met ruimte voor iteratie. In een internationale context is het echter verleidelijk om te vervallen in bureaucratische “tick-the-box”-mentaliteit, met overmatige focus op planning, leveren van output, uitbrengen van voortgangsrapportages etc. Ongeacht welke methodiek het beste aansluit bij de uitvoering van een traject zoals Waterfall of Agile, het vooraf goed afstemmen welke iteraties op worden voorzien is nodig. Het te star vasthouden van een methodiek boven het bereiken van impact door uitkomst is niet alleen onhandig maar kan resulteren in ‘operatie geslaagd, patiënt…’ 

Het in de voorbereidende plannen voor een traject afstemmen van welke maatschappelijke en/of bestuurlijke impact wordt nagestreefd, geeft niet alleen een heldere motivatie voor alle betrokkenen om zich voor in te zetten, maar zorgt ook voor duidelijkheid over de zakelijke rechtvaardiging (Business Case). Op deze manier weet en beseft ook eenieder het grotere belang van een dergelijk digitaliseringstraject dan alleen de uitvoering van een technologische innovatie. 

Tip: Een heldere programma-/projectstructuur vormt een gezonde basis en waarborg voor positieve internationale samenwerkingsverbanden. Het geeft de ultieme kans om tot realisatie te komen van grensoverschrijdende dienstverlening door geografische spreiding, onderlinge samenwerking over tijdszones heen en delen van en begrip hebben voor elkaars culturele normen en waarden. Een hoge mate van gegevensinteroperabiliteit zorgt voor significante versnelling van uitvoerende processen. Samen met de diverse samenwerkingsverbanden wordt de algemene en specifieke dienstverlening aan de samenleving serieus geoptimaliseerd. Hiermee groeit ook het publieke vertrouwen in de digitale overheid. Daarom is het belangrijk om te sturen op impact t.b.v. de samenleving.

Tip: Het inzetten van uitkomst-indicatoren die adaptief zijn vraagt om durf! Het betekent namelijk dat je kunt en moet bijsturen op inhoudelijke resultaten en niet alleen op tijd en geld. Bijsturen op de kwaliteit van uitkomst vraagt naast durf ook om mandaat en daadkracht op het juiste niveau. Als daarom de verkregen uitkomst niet erkent is of wordt door de opdrachtgever of hoogst leidinggevende dan is het risico serieus aanwezig dat kort cyclisch bijsturen moeizaam verloopt. Dit doet dan direct afbreuk aan het vertrouwen bij betrokkenen omdat echte resultaten uitblijven. Zorg dat iedereen goed begrijpt wat uitkomst daadwerkelijk betekent, hoe het zo smart mogelijk gemeten kan worden en dat iedereen zijn of haar verantwoordelijk heeft om bij te dragen. 

Vertrouwen: Bouw aan vertrouwen als structurele factor voor succes

Vertrouwen is het onzichtbare fundament onder iedere (internationale) samenwerking en/of partnerschap met private organisaties. Zonder vertrouwen is iedere afspraak over governance een papieren tijger en iedere sprintreview een toneelstuk. Dit wil je te allen tijde voorkomen, want ‘vertrouwen komt te voet, en gaat te paard’. Een breuk in het vertrouwen op internationaal niveau is vaak moeilijker te repareren omdat geografische afstanden dan een serieuze barrière vormen. Je hebt door deze afstand aanmerkelijk minder contactmomenten om (in)formeel met elkaar te spreken om nog maar te zwijgen over de mogelijkheid om iemand persoonlijk te kunnen spreken.

Tip: Investeren in relationele banden moet een duurzaam karakter hebben en uitgaan van oprechtheid en waardering voor elkaar en de wederzijdse belangen. Op verschillende manieren kan er uitvoering gegeven worden aan het opbouwen en versterken van de relationele binding, t.w.

  • Creëer structurele informele momenten in hybride multi-disciplinaire teams
  • Maak successen (openbaar) zichtbaar en vier ze collectief
  • Geef transparantie over knelpunten, inclusief dilemma’s, risico’s en onzekerheden

Erken verschillen, maar tracht met elkaar te werken aan een gezamenlijke identiteit. Een gedeelde missie of narratief (“Waarom doen we dit samen?”) helpt om voorbij individuele organisatie of nationale belangen te kijken en collectieve energie te mobiliseren bij eenieder.

Tot slot: wees realistisch én ambitieus

Strategische digitalisering binnen de publieke sector, zeker in internationale samenwerking, is géén kwestie van implementeren van een technologie. Het is een complex samenspel van politiek, cultuur, mensen, processen en – ja – ook wel technologie.

Het vraagt van jou als professional een scherp strategisch kompas, maar ook empathie, culturele sensitiviteit en een hoge mate van communicatieve intelligentie. Als je die combineert met een adaptieve veranderaanpak, stevige governance én aandacht voor de mensen achter de transformatie, dan kun je wél impact realiseren.

Digitalisering is geen doel op zich, maar een hefboom om juist verder te komen met het bereiken van de gezamenlijke doelstelling. Zorg daarom dat hij goed is afgesteld!

Bronnen:

Meer weten of sparren over een internationale digitaliseringstraject of andere uitdagingen die in relatie staan tot het blog of een van de eerdere blogs? 
Neem gerust contact met mij op via de e-mail of maak een verbinding via mijn LinkedIn profiel: Richard J. Raats RI CPM.

© 2025 Richard J. Raats

“Waarom het OSI-model?”

Na mijn recente blogs “Verantwoord datagebruik begint bij leiderschap: de noodzaak van governance in een data-gedreven wereld” en “Digitale Soevereiniteit in de Cloud: Hoe bestuurders de regie terugpakken!“, kreeg ik diverse vragen over mijn verwijzing naar het OSI-model als denkraam voor governance en leiderschap. Begrijpelijke vragen, want het model is oorspronkelijk ontworpen voor netwerkcommunicatie – niet voor organisatieontwikkeling, ethiek of beleidsvorming.

Toch blijkt het OSI-model bij nadere beschouwing juist bijzonder geschikt om hedendaagse digitale vraagstukken gestructureerd, integraal en bestuurlijk relevant te benaderen. In dit blog licht ik dat toe – en verbindt de abstracte lagen van technologie met de concrete verantwoordelijkheid van bestuurders en professionals. Aangevuld met de afbeeldingen moet het een goede uitleg geven.

1. Architectuur: het belang van ordening

Het OSI-model verdeelt digitale communicatie over zeven lagen: van fysieke verbindingen tot applicatiegebruik. Deze indeling dwingt tot systematisch nadenken over verantwoordelijkheden, risico’s en eigenaarschap – precies wat in veel datagedreven organisaties ontbreekt. Architectuurprincipes uit de NORA (Nederlandse Overheid Referentie Architectuur) en TOGAF 10 onderstrepen het belang van zo’n gelaagde benadering. Governance zonder structuur is immers stuurloos. In een wereld waarin data door meerdere handen, lagen en domeinen beweegt, is het OSI-model geen technische overkill, maar een manier om grip te krijgen op complexiteit.

2. Data: eigenaarschap kent lagen

In het datadomein draait alles om betrouwbaarheid, integriteit en traceerbaarheid. Het DAMA-DMBOK2-raamwerk maakt daarbij onderscheid tussen datakwaliteit, metadata, security, privacy en datagebruik – elk met andere actoren en risico’s. Het OSI-model helpt deze componenten logisch te positioneren, zonder ze te versimpelen tot één ‘databeleid’. Bestuurders die datagovernance serieus nemen, moeten dus niet alleen weten wat data is, maar waar het zich bevindt, hoe het beweegt, en wie erover beslist. De verschillende lagen maken dat helder zichtbaar.

3. Beveiliging: meer dan techniek

Cybersecurity wordt vaak technisch benaderd, maar raakt direct aan bestuurlijke verantwoordelijkheid. De recente handreiking van ENISA (2023) over overheidsclouds benadrukt dit: afhankelijkheden van buitenlandse infrastructuur, onvoldoende encryptie op sessieniveau en onvoldoende scheiding van bevoegdheden vormen fundamentele kwetsbaarheden. Met behulp van het OSI-model kunnen risico’s – van fysieke laag tot applicatielaag – inzichtelijk worden gemaakt én toegewezen aan de juiste actor. Daarmee wordt beveiliging geen ‘IT-feestje’, maar een strategisch governancevraagstuk op de bestuurstafel van organisaties.

4. Menselijk handelen: gedrag als 8e laag in het OSI-model

Een veelgehoorde grap onder securityprofessionals is dat er een “OSI-laag 8” bestaat: de mens. En die laag is verreweg de meest complexe. Bestuurders, gebruikers, beheerders – allemaal nemen zij dagelijks beslissingen die data beïnvloeden. Governance zonder gedragscomponent is hol. Het rapport Data-ethiek in de publieke sector van de WRR (2021) benadrukt het belang van publieke waarden, transparantie en menselijke maat. Deze waarden laten zich prima ‘plaatsen’ bovenop de technologische lagen van het OSI-model – als moreel kompas voor besluitvorming.

Conclusie: het OSI-model als governancekompas

Nee, het OSI-model is geen governancekader in klassieke zin. Maar het is wél een denkmodel dat verbinding legt tussen techniek, beleid en gedrag. Het helpt bestuurders en architecten om meerlaags te kijken, te sturen en verantwoordelijkheid te nemen – van fysieke infrastructuur tot menselijke besluitvorming. In een tijd waarin datagebruik steeds vaker verweven is met geopolitiek, ethiek en veiligheid, is zo’n denkkader geen luxe, maar noodzaak.

Soevereiniteit, vertrouwen en publieke waarden zijn geen losse beleidsdocumenten – ze moeten worden gebouwd, beheerd en beschermd, laag voor laag. Het OSI-model helpt ons om dat met samenhang en richting te doen.

Vraagstellingen voor organisaties

Ter ondersteuning van de vraagstukken over Verantwoord Datagebruik heb ik een vragenlijst opgesteld die helpt om het juiste gesprek te voeren in de organisatie op basis van het principe van het OSI-model. Deze mag vrij naar behoefte door u worden gebruikt binnen uw organisatie.

Bronnen

Nawoord & Vragen

Digitale (data- en organisatie) governance is geen statisch onderwerp. Het vraagt om continue reflectie, dialoog en gedeeld eigenaarschap. In dit blog heb ik mijn perspectief gedeeld op het gebruik van het OSI-model als denkkader voor datagedreven leiderschap en bestuurlijke verantwoordelijkheid.

Heeft u vragen over de toepassing binnen uw organisatie, wilt u een een dialoog voeren over de koppeling tussen bestuurlijke context, architectuur, ethiek en data, of ziet u kansen voor samenwerking? Ik nodig u van harte uit om het gesprek aan te gaan. Stel uw vraag, deel uw inzicht of start het gesprek. Want datagedreven leiderschap begint vooral met uiten van nieuwsgierigheid.

© 2025 R.J. Raats

Digitale soevereiniteit is essentieel voor publieke organisaties die regie willen houden over hun data, infrastructuur en systemen in een wereld vol cloudafhankelijkheden. Deze blog biedt bestuurders inzicht in hoe juridische waarborgen en een gelaagde architectuur — gebaseerd op het OSI-model — kunnen bijdragen aan structurele autonomie. Met aandacht voor wetgeving zoals de AVG, NIS2 en de EU Data Act, en praktische aanbevelingen voor beleid, contracten en regie, vormt dit stuk een strategische leidraad voor organisaties die soeverein willen digitaliseren.

De afhankelijkheid van buitenlandse technologiebedrijven is inmiddels een structureel risico geworden voor publieke organisaties en vitale sectoren. Cloud computing en hyperscalerdiensten bieden innovatie, flexibiliteit en schaalvoordelen, maar leggen de digitale controle en data-opslag buiten de directe invloedssfeer van de organisatie. In deze blog duiken we dieper in het belang van digitale soevereiniteit, en hoe bestuurders door middel van juridische waarborgen en gelaagde architectuur hun regie kunnen versterken.

Wat is digitale soevereiniteit precies?
Digitale soevereiniteit verwijst naar het vermogen van een organisatie of overheid om zelf controle uit te oefenen over haar digitale infrastructuur, data, applicaties en besluitvormingsprocessen. Dit omvat:

  • Technische soevereiniteit: Beheersbaarheid van systemen, data en toegang.
  • Juridische soevereiniteit: Bescherming van gegevens binnen de gewenste jurisdictie.
  • Operationele soevereiniteit: Vermogen om te functioneren of migreren zonder vendor lock-in.

Met de opkomst van hyperscalers zoals Amazon, Microsoft en Google — allen onderworpen aan extraterritoriale wetgeving zoals de US CLOUD Act — is de roep om controle en transparantie urgenter dan ooit.

De OSI-gelaagdheid als strategisch kader
Een effectieve manier om digitale soevereiniteit te benaderen is via het OSI-model (Open Systems Interconnection). Dit model biedt een gestructureerde kijk op de digitale infrastructuur in zeven lagen, van fysieke hardware tot applicatiesoftware. Iedere laag kent eigen risico’s én aangrijpingspunten voor beleidsmaatregelen.

OSI-laag Soevereine aandachtspunten:
7. Applicatie SaaS, API’s, datatoegang, open standaarden
6. Presentatie Encryptie, gegevensformaten, versleuteling
5. Sessie Identiteitsbeheer, federatieve IAM
4. Transport Netwerkbeveiliging, TLS, zero trust
3. Netwerk IP-routing, geografische segmentatie
2. Datalink Virtuele netwerken, segmentatie
1. Fysiek EU-datacenters, auditplichten

Door op elk niveau passende eisen te formuleren en maatregelen te treffen, ontstaat een robuuste, gelaagde bescherming tegen ongewenste toegang en afhankelijkheid.

Juridische waarborgen: Wetgeving als beschermlaag
Naast technische maatregelen is de juridische component essentieel. Bestuurders dienen op de hoogte te zijn van de relevante wet- en regelgeving:

  • AVG/GDPR: Regelt dataminimalisatie, expliciete toestemming en bewaartermijnen. Maar ook dataoverdracht buiten de EU.
  • NIS2-richtlijn: Verplicht vitale aanbieders om maatregelen te nemen op het gebied van beveiliging en continuïteit.
  • EU Data Act (2024): Stelt eisen aan interoperabiliteit, datasoevereiniteit en toegang door derden.
  • US CLOUD Act: Biedt Amerikaanse autoriteiten toegang tot data van Amerikaanse bedrijven, ook als deze buiten de VS zijn opgeslagen.
  • Wet open overheid (Woo): Versterkt de noodzaak voor transparantie in cloudcontracten en databeheer.

Een sleutel tot juridische soevereiniteit is het contractueel vastleggen van:

  • Dataopslag in de EU
  • Encryptiebeheer door de afnemer zelf
  • Exitstrategieën bij beëindiging van de dienst

Architectuurprincipes voor soevereiniteit
Vanuit een enterprise-architectuurperspectief is het noodzakelijk om soevereiniteit structureel te verankeren. Enkele concrete aanbevelingen:

1. Data-classificatie
Maak onderscheid tussen kritieke, gevoelige en reguliere data. Alleen niet-kritieke data mag naar publieke clouds zonder aanvullende waarborgen.

2. Cloud-neutraliteit
Ontwerp infrastructuren die niet afhankelijk zijn van één leverancier. Maak gebruik van containerisatie (zoals Kubernetes) en open standaarden.

3. Encryptie met sleutelbeheer
Zorg ervoor dat encryptiesleutels worden beheerd door de organisatie zelf, niet door de cloudaanbieder.

4. Federatief Identity & Access Management (IAM)
Beheer identiteiten onafhankelijk van de cloudaanbieder. Voorkom centralisatie van toegang.

5. Logging & auditability
Eis volledige transparantie in toegangslogboeken, inclusief wie wanneer bij data is geweest.

Strategische randvoorwaarden voor bestuurders
Voor bestuurders zijn er vijf strategische keuzes die de mate van soevereiniteit sterk beïnvloeden:

1. Stel duidelijke Cloud Policies op
Richt beleid in dat onderscheid maakt in wat wel of niet in de cloud mag — en onder welke voorwaarden.

2. Contracteer met soevereiniteitseisen
Neem exit-clausules, locatieverplichtingen en encryptiestandaarden op in alle cloudcontracten.

3. Investeer in regie-organisatie
Organiseer centrale governance rond cloudgebruik, dataopslag en naleving van juridische kaders.

4. Werk samen in coalities
Sluit aan bij initiatieven zoals GAIA-XECSO of nationale cloud coalities. Collectieve vraag creëert marktimpact.

5. Stimuleer Europese alternatieven
Verken de inzet van Europese cloudproviders met EU-jurisdictie.

Een visuele gelaagdheid
Onderstaande visualisatie helpt beleidsmakers en architecten om inzicht te krijgen in waar verantwoordelijkheden liggen, en op welke lagen acties vereist zijn om soevereiniteit af te dwingen.

Resumé: Van afhankelijkheid naar regie
Digitale soevereiniteit is geen absolute staat, maar een strategische ambitie. Door architectuur en juridische waarborgen hand in hand te laten gaan, ontstaat een digitale infrastructuur waarin publieke waarden leidend zijn, niet technologische afhankelijkheid. Voor bestuurders is het nu het moment om beleidskeuzes te maken die deze autonomie structureel verankeren — gelaagd, juridisch geborgd en toekomstgericht.

Bronnen:

  • Europese Commissie, Data Act (2024): https://eur-lex.europa.eu
  • Autoriteit Persoonsgegevens: Cloud-richtlijnen en data-overdracht
  • ENISA: Guidelines for Secure Cloud Adoption
  • GAIA-X beleidskaders: https://gaia-x.eu
  • NIS2 Directive documentatie: Europese Raad, 2023

© 2025 R.J. Raats

Van welke groep(en) maak jij onderdeel uit? Het is een van de cruciale vragen wanneer we onderzoek doen naar diversiteit. Zeker in de Westerse wereld zijn we sterk geneigd om mensen in standaard hokjes te plaatsen om vergelijkingen te kunnen maken. Vanuit studie, ervaring en onderzoek ben ik er allang achter dat diversiteit in vele facetten niet leidt tot een “eenheidsworst” die iedereen smaakt. Met andere woorden: het is onmogelijk om het voor iedereen goed te doen bij het vaststellen van feiten, laat staan bij het trekken van integrale conclusies over maatschappelijke problematiek. In dit blog tracht ik dieper in te gaan op de verschillende perspectieven op normen en waarden binnen de culturele diversiteit in Nederland.

De rol van veiligheid en vertrouwen in diversiteit

Recentelijk woonde ik een bijeenkomst bij waarin uitgebreid werd gesproken over hoe een werkomgeving zodanig ingericht kan worden dat iedereen, ongeacht achtergrond of persoonlijke overtuigingen, zich veilig en vertrouwd voelt. Een van de belangrijkste inzichten die ik tijdens deze bijeenkomst opdeed, was dat niemand exact hetzelfde is, voelt of zelfs kan voelen. Gelukkig maar, want de erkenning dat ieder mens een individu is en zich als zodanig mag gedragen, vormt een essentieel fundament van onze samenleving.

Wanneer we kijken naar de kern van dit blog – veiligheid en vertrouwen – en de onderwerpen waar ik onderzoek naar doe, zoals diversiteit in culturele waarden en groepsdynamiek in relatie tot individueel gedrag, komen we al snel bij de complexiteit van het ‘samen leven’ in een Westerse samenleving. Om een onderzoek academisch te onderbouwen, moeten serieuze kaders worden gehanteerd met betrekking tot format, indeling en randvoorwaarden om tot interpreteerbare informatie te komen. Dit is echter een uitdaging, omdat ik, net als velen in dit onderzoeksveld, stuit op ethische dilemma’s die nieuwe vraagstukken oproepen.

Hokjes denken versus individuele benadering

De onderzoeksvragen die ik mijzelf heb gesteld, kunnen zonder “inzet van de hokjesgeest” nauwelijks worden beantwoord. Hier ligt echter mijn dilemma: ik wil géén beoordeling op basis van groepsindeling, maar wél de integrale problematiek blootleggen, zodat deze vanuit een individueel perspectief kan worden opgelost. Zou het überhaupt mogelijk zijn om maatschappelijke problematiek, zoals polarisatie, op een meer individuele manier aan te pakken?

Deze ogenschijnlijk eenvoudige vraag blijkt complex. Dit komt omdat we, om tot een goed begrip van diversiteit te komen, niet alleen moeten kijken naar de samenleving als geheel, maar ook naar de intrinsieke waarden van de mens. Denk aan genetische factoren, opvoeding (of het gebrek daaraan) en genoten opleiding(en), die gezamenlijk bijdragen aan iemands persoonlijke referentiekader. En dat is nog zonder de invloed van culturele en religieuze normen en waarden in beschouwing te nemen.

Identiteit en de veelheid aan rollen

De cruciale vraag – “Van welke groep(en) maak jij onderdeel uit?” – vormt de kern van het denken over diversiteit. Ik neem mijzelf als voorbeeld: als witte man van 58 jaar ben ik vader van vier kinderen, opa van drie kleinkinderen, partner van een geweldige vrouw, zoon van een lieve moeder, oudere broer van een zusje en een broertje. Daarnaast ben ik gepassioneerd scheidsrechter, gedreven werknemer, enthousiaste ondernemer en betrokken mantelzorger.

Op basis van deze opsomming behoor ik tot tal van groepen: vaders, opa’s, scheidsrechters, werknemers, ondernemers, senioren (55+), mantelzorgers, enzovoorts. Als we daar politieke of religieuze oriëntaties aan toevoegen, wordt het nog complexer. Maar is de mening van de groep altijd mijn mening? Kan ik mij als individu wel volledig identificeren met de denkbeelden van de ene groep waarin ik mij bevind, terwijl ik tegelijkertijd andere perspectieven huldig binnen een andere groep?

Als je hier lang over nadenkt, zul je merken dat dit leidt tot een identiteitsdilemma. Het probleem ligt in de manier waarop onze samenleving is ingericht: we leren al van jongs af aan in hokjes te denken. Dit biedt houvast, maar beperkt ons tegelijkertijd in onze visie op diversiteit.

De paradox van diversiteit: zichtbaar versus onzichtbaar

Echte inclusiviteit zou betekenen dat we voorbij de uiterlijke verschillen kijken. Kleurenblind zijn in de zin dat we iemands huidskleur, geslacht of afkomst niet als bepalend zien voor zijn of haar waarde in de samenleving, blijkt echter een utopie. We leven immers in een wereld waar discriminatie, vooroordelen en stereotypen nog steeds een grote rol spelen. Maar als we te veel nadruk leggen op deze verschillen, voeden we indirect de polarisatie die we juist willen tegengaan. Deze paradox is zichtbaar in tal van maatschappelijke discussies: van quota voor diversiteit op de werkvloer tot debatten over culturele toe-eigening. Waar ligt de balans tussen erkennen van verschillen en streven naar een gezamenlijke identiteit? En in hoeverre dragen deze initiatieven werkelijk bij aan een inclusieve samenleving?

Een nieuw perspectief op diversiteit

Wat betekent het dan om diversiteit écht te omarmen? Het vereist een fundamentele verandering in hoe we naar mensen kijken. In plaats van te focussen op de verschillen die ons verdelen, zouden we moeten kijken naar de menselijke gedeelde ervaring. Veiligheid en vertrouwen in een werkomgeving of samenleving worden niet bereikt door rigide categorieën, maar door een diepgeworteld respect voor het individu. Om dit te bereiken, moeten we ons bewust worden van onze eigen vooroordelen en de structuren die deze in stand houden. Dit begint bij het onderwijs: minder nadruk op indelingen, meer op gedeelde waarden en menselijkheid. Het vereist ook een andere benadering in beleidsvorming: minder statistieken en doelgroepen, meer maatwerk en erkenning van individuele behoeften.

Conclusie: diversiteit zonder verdeeldheid

Welke conclusies ik uiteindelijk uit mijn onderzoek kan en mag trekken, zal de tijd leren. Eén ding is echter al duidelijk: een veilige en vertrouwde werkomgeving en samenleving kan alleen worden bereikt als we de mens als individu centraal stellen. Groepsindelingen en de daarmee gepaard gaande groepsbeoordelingen dragen bij aan polarisatie, terwijl een focus op de individuele ervaring juist kan helpen om bruggen te slaan. Diversiteit is geen kwestie van verschillen benadrukken, maar van het durven loslaten van die verschillen als bepalende factor. Want pas wanneer we voorbij de labels kijken, ontstaat er ruimte voor echte verbinding.


Referenties / Onderbouwingen

Mijn tekst over diversiteit en het vermijden van hokjesdenken wordt ondersteund door diverse academische onderzoeken en literatuur. Hieronder worden enkele relevante studies en bevindingen besproken die de kernpunten van mijn betoog onderbouwen.

Diversiteit en Sociale Cohesie

Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) heeft in de verkenning “Samen verschillend” (2024) uitgebreid onderzoek gedaan naar de relatie tussen diversiteit en sociale cohesie in Nederland. Deze studie analyseerde ongeveer 140 wetenschappelijke onderzoeken en voerde een eigen empirisch onderzoek uit in 11.000 Nederlandse buurten over de periode 2012-2020. De bevindingen suggereren dat in buurten met een hoge mate van etnische diversiteit de sociale cohesie soms onder druk kan staan, maar dat dit sterk afhankelijk is van contextuele factoren en niet louter aan diversiteit zelf kan worden toegeschreven. (Link naar SCP)

Polarisatie en Groepsdynamiek

In het rapport “Theorieën en aanpakken van polarisatie” (2018) van het Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) wordt polarisatie gedefinieerd als “de verscherping van tegenstellingen tussen groepen in de samenleving die kan resulteren in spanningen en segregatie”. Het rapport benadrukt dat polarisatie niet alleen ontstaat door verschillen tussen groepen, maar ook door de manier waarop deze verschillen worden benaderd en besproken in de samenleving. Een focus op individuele benaderingen en het vermijden van stereotype groepsindelingen kan bijdragen aan het verminderen van polarisatie. (Link naar KIS)

Individuele Benadering en Inclusie

Het essay “Inclusie en diversiteit: Wat, waarom en hoe?” van Movisie (2021) benadrukt het belang van een inclusieve benadering die verder gaat dan het simpelweg categoriseren van individuen op basis van groepskenmerken. Het essay stelt dat echte inclusie wordt bereikt door aandacht te hebben voor individuele verschillen en het creëren van een omgeving waarin iedereen zich gewaardeerd en gerespecteerd voelt, ongeacht achtergrond. (Link naar Movisie)

Stereotypering en Beeldvorming

Onderzoekers van de Universiteit Utrecht hebben een factsheet gepubliceerd over stereotype beeldvorming bij verschillende groepen. Deze factsheet toont aan dat er significante verschillen bestaan in hoe groepen worden waargenomen binnen organisaties en de bredere samenleving. Het doorbreken van deze stereotypen door een focus op individuele kwaliteiten en het vermijden van hokjesdenken kan bijdragen aan een inclusievere omgeving. (Link naar Nederlandse Inclusiviteitsmonitor)

Etnische Diversiteit en Sociaal Vertrouwen

Een studie uitgevoerd door het SCP analyseerde gegevens van 61.127 mensen in meer dan 11.000 Nederlandse buurten over de periode 2012-2020. De resultaten toonden aan dat etnische diversiteit in sommige gevallen geassocieerd is met lager sociaal vertrouwen, maar dat deze relatie complex is en beïnvloed wordt door factoren zoals de frequentie en kwaliteit van interpersoonlijk contact. Dit suggereert dat het bevorderen van positieve individuele interacties essentieel is voor het versterken van sociaal vertrouwen in diverse gemeenschappen. (Link naar SCP)

Conclusie

De besproken literatuur ondersteunt de stelling dat het vermijden van rigide groepsindelingen en het omarmen van een individuele benadering cruciaal zijn voor het bevorderen van sociale cohesie en het verminderen van polarisatie. Door aandacht te hebben voor persoonlijke ervaringen en kwaliteiten, en door stereotypen en hokjesdenken te vermijden, kan een inclusievere en meer harmonieuze samenleving worden gerealiseerd.

Neem iedereen mee in de boeiende reis naar de digitale toekomst!

De laatste weken van het jaar zijn aangebroken. Voor velen begint einde van de week de welverdiende kerstvakantie, -verlof of -reces of hoe men het ook wenst te noemen. Een belangrijke tijd om extra aandacht te schenken aan uw dierbare familie en vrienden en met elkaar te genieten van gezelligheid. Ook voor mij komt het verlof in zicht en prikkel ik graag de geest van u nog eenmaal dit jaar met een inhoudelijk blog over Cloud. Uiteraard volgt later dit jaar nog de Kerst- en Nieuwjaarsgroet. Het vorige blog ging over de nut en noodzaak (de wat) om te versnellen en in dit blog voeg ik daar graag de inhoud aan toe v.w.b. het operationaliseren (de hoe). In het nieuwe jaar gaan we nog vele onderwerpen belichten waaronder het honoreren van het verzoek voor (Cyber)Security en Veiligheid.

Is mijn visie en strategische gedachte de ultieme en enige weg? Nee dat zeker niet, want wie de filosofie van Internet Technologie echt snapt, weet dat er duizenden wegen zijn die naar Rome leiden. Vele experts, vele gedachtes, al is de tijd wel rijp voor meer standaardisatie en het maken van afspraken voor het inzetten en gebruiken van veilige Hybride- en Multi-Cloud’s bestaande uit Cloud Native Technologie, ook voor overheidsorganisaties. We komen nu toe aan de volgende fase van technologische innovaties en optimalisatie van digitale functionele dienstverlening die vanuit de basis wordt opgebouwd met Cloud Native Technologie. Komt het einde van een IT-landschap met monolithische applicaties dan nu toch echt dichterbij. Ik denk het wel, al zal dat nog wel menig jaar duren om de erfenis (legacy) van oude IT uit te faseren. Niet omdat de techniek het niet aankan om het over te nemen, maar omdat de veerkracht van mens en organisatie nog niet de veranderingen kunnen ondersteunen waardoor we flink vaart kunnen maken… De toekomst zal het ons leren of ‘niets doen’ nog wel een optie is…

Cloud-First Strategie, moet uitvoering van het beleid mogelijk maken!

In de dynamische wereld van vandaag is het cruciaal voor overheidsorganisaties om hun dienstverlening te optimaliseren en gelijke tred te houden met technologische ontwikkelingen. Een doordachte Cloud-First strategie, met de focus op Cloud Native Technologie, biedt een uitstekende mogelijkheid om deze uitdagingen het hoofd te bieden. Echter, het integreren van dergelijke strategieën in de complexe organisatiestructuren van de overheid vereist een professionele aanpak, waarbij methodieken zoals Lean IT en X-Matrix dienen als fundamenten voor succesvolle implementaties, maar ook begrip voor de bijzondere karakteristieken van overheidsorganisaties. Automatisering en digitalisering zijn niet de kernpunten voor de overheidsorganisaties waartoe zij op aarde zijn. Het primaire thema van het bestaansrecht moet dus ook goed in acht worden genomen in de gesprekken met elkaar.

Het Belang van Cloud Native Technologie in de Overheid

Cloud Native Technologie is de sleutel tot een flexibeler, schaalbaarder, en innovatiever overheidsapparaat. Het stelt organisaties in staat om snel te reageren op veranderingen, gegevens effectiever te beheren, en beter gebruik te maken van geavanceerde technologieën zoals AI en Quantum Technolgie. Een Cloud-First strategie legt de nadruk op het gebruik van cloudoplossingen als eerste keuze, waardoor de overheid niet alleen kosten kan besparen, maar ook de algehele efficiëntie van haar operaties kan verbeteren. Het ontwikkelen van nieuwe functionaliteiten met gebruikmaking van microservices, API-technologie en CI/CD-pipelines door DevSecOps-teams zorgt voor kort cycli trajecten in plaats van het programmeren van traditionele monolithische applicaties. Het vraagt wel om een serieuze verandering van denken en doen zowel binnen als buiten de overheidsorganisaties.

Lean IT: Optimaliseren voor Succes

Bij het implementeren van Cloud-First strategieën is het toepassen van Lean IT principes van essentieel belang. Lean IT, geïnspireerd op de principes van Lean Manufacturing, richt zich op het elimineren van verspilling en het optimaliseren van processen. In de context van Cloud Native Technologie betekent dit het stroomlijnen van ontwikkelings- en implementatieprocessen. Door overbodige stappen te verwijderen en de focus te leggen op waarde toevoegen, kunnen overheidsorganisaties sneller innoveren en reageren op de behoeften van hun burgers.

Klik hier voor meer informatie over de werking van de X-Matrix in de praktijk...
Klik hier voor meer informatie over de werking van de V-Labs X-Matrix “Topsport in Innovatie” (2017)

X-Matrix: Een Strategisch Kompas voor Implementaties

De X-Matrix, voortkomend uit de Hoshin Kanri-methodiek, fungeert als een strategisch kompas voor het definiëren en bereiken van doelstellingen. In de complexe omgeving van overheidsorganisaties biedt de X-Matrix een gestructureerd raamwerk om strategieën en actieplannen te verbinden met meetbare indicatoren. Dit geeft niet alleen een helder beeld van de te behalen doelen, maar zorgt er ook voor dat alle betrokkenen op één lijn zitten wat betreft de te volgen koers. Een goed ingevulde X-Matrix is essentieel voor een succesvolle implementatie van Cloud Native Technologie binnen de overheid.

Stappen naar een Professionele Implementatie

  1. Strategische Analyse: Begin met een grondige analyse van de huidige IT-infrastructuur en identificeer gebieden waar Cloud Native Technologie kan worden geïntegreerd voor maximale impact.
  2. Lean IT Toepassen: Pas Lean IT principes toe om inefficiënties te verminderen. Elimineer overbodige stappen en optimaliseer processen voor een vlotte implementatie.
  3. X-Matrix Invullen: Vul de X-Matrix in met duidelijke doelstellingen, strategieën, actieplannen en meetbare indicatoren. Zorg voor betrokkenheid van alle belanghebbenden.
  4. Continue Monitoring en Aanpassing: Implementeer een rigoureus monitoringssysteem en evalueer regelmatig de voortgang. Pas strategieën aan op basis van feedback en veranderende behoeften.
  5. Cultuur van Innovatie Opbouwen: Creëer een cultuur van innovatie en continue verbetering binnen de organisatie. Moedig medewerkers aan om nieuwe ideeën te verkennen en bij te dragen aan het succes van de Cloud-First strategie.

Conclusie: Naar een Wendbare Overheid met Cloud Native Technologie

Het op professionele wijze operationaliseren van een Cloud-First strategie in de complexe structuren van overheidsorganisaties vereist een weloverwogen aanpak. Lean IT en de X-Matrix dienen als solide fundamenten om efficiëntie te bevorderen, strategieën te formuleren en doelstellingen te behalen. Door deze methodieken te omarmen, kunnen overheidsorganisaties niet alleen de voordelen van Cloud Native Technologie benutten, maar ook een wendbare en innovatieve koers varen in een snel veranderende digitale wereld. Het is een reis van optimalisatie en groei, waarbij Cloud-First niet alleen een strategie is, maar een katalysator voor de transformatie van de overheid naar een meer adaptieve en efficiënte entiteit.

(c) 2023 R.J. Raats

Hybride Infrastructuur en Multi-Cloud Strategieën: ‘Een Noodzakelijke Weg voor Overheden naar Cloud Native Technologie‘ gaat over de dringende behoefte voor zowel centrale als decentrale overheden om legacy-systemen te transformeren naar geavanceerde Cloud Native Technologieën. De focus ligt op het implementeren van hybride infrastructuren in combinatie met multi-cloud services en -providers als de strategische aanpak om deze transformatie te versnellen. Belangrijke thema’s, zoals dienstverbetering, kostenoptimalisatie, veiligheid en compliance, innovatie, en gegevensbeheer, worden uitvoerig behandeld. Het artikel benadrukt hoe hybride architecturen en multi-cloudbenaderingen overheden in staat stellen om de voordelen van lokale en cloudgebaseerde bronnen te benutten, en hoe deze aanpak de weg vrijmaakt voor een wendbare en innovatieve toekomst.

Bron: Dutch IT Leaders

In de snel evoluerende wereld van informatietechnologie wordt de overgang van verouderde, op legacy gebaseerde systemen naar geavanceerde Cloud Native Technologieën steeds urgenter voor zowel centrale als decentrale overheden. Een strategische aanpak om deze transformatie te versnellen en te optimaliseren, is het implementeren van hybride infrastructuren in combinatie met multi-cloud services en -providers met een focus op separate beveiliging op de verschillende horizontale- en verticale niveaus.

Legacy-systemen, die vaak gedateerd, inflexibel en monolithisch zijn, belemmeren de wendbaarheid en innovatie van overheidsinstanties. Het overstappen naar Cloud Native Technologieën biedt aanzienlijke voordelen, zoals verbeterde flexibiliteit, schaalbaarheid en kostenefficiëntie. Echter, het pad van legacy naar de cloud is niet zonder uitdagingen, en hybride architecturen in combinatie met multi-cloudbenaderingen spelen een cruciale rol bij het succesvol navigeren door deze overgang. Het inzetten van de juiste expertise op een Agile wijze en met DevSecOps teams biedt stevige kansen op succes.

De renovatie van het Huis van Thorbecke

Waarom is deze transformatie zo belangrijk voor overheden?

Ruim 10 jaar geleden was al duidelijk dat de ministeriële verantwoordelijkheid zoals vastgelegd in de grondwet, naast een duidelijk kader voor de taakstellingen, ook een beperking was en op vele vlakken nog steeds is voor interdepartementale samenwerking oftewel het centraal faciliteren van diensten op het vlak van met name Informatie Technologie. Telkens moet, met moverende redenen, het wiel opnieuw worden uitgevonden. Nu met de komst van Cloud Native Technologie in al haar facetten ontstaat de kans nogmaals om nu echt tot synergie voordelen te komen. Wie durft de stap echt te nemen om te komen tot het besluit voor de gehele Rijksoverheid om “Cloud First” als strategie leidend te benoemen? De hoop ligt op een toekomstige Minister van Digitale Zaken die met vertrouwen de wetgeving weet aangepast te krijgen en de ambtelijke organisaties tot uitvoering te brengen. Het is voor Nederland en Europa belangrijk om serieus te kijken naar innovaties om ook in de toekomst de taken voor de burger goed te kunnen blijven invullen en continu te optimaliseren.

Verbetering van Dienstverlening:

  • Snelheid en Efficiëntie: Cloud Native Technologie stelt overheden in staat om diensten sneller te leveren en efficiënter te opereren. Hybride infrastructuren bieden de mogelijkheid om geleidelijk over te stappen, waardoor de verstoring van bestaande diensten wordt geminimaliseerd.
  • Schaalbaarheid: De mogelijkheid om snel op en neer te schalen in de cloud is cruciaal voor overheden, vooral tijdens piekperioden of bij onverwachte gebeurtenissen.

Kostenoptimalisatie:

  • Betere Kostenbeheersing: Hybride architecturen stellen overheden in staat om specifieke workloads te plaatsen waar ze het meest kosteneffectief zijn, of het nu on-premises is, in de private cloud of bij een specifieke openbare cloudprovider.
  • Geoptimaliseerde Infrastructuur: Door gebruik te maken van multi-cloud services kunnen overheden profiteren van de concurrentie tussen providers, wat resulteert in betere prijzen en diensten.

Veiligheid en Compliance

  • Flexibele Beveiligingsmaatregelen: Hybride infrastructuren bieden de mogelijkheid om strenge beveiligingsmaatregelen te handhaven voor gevoelige gegevens terwijl minder kritieke workloads gebruikmaken van de voordelen van de cloud.
  • Compliance met Regelgeving: Multi-cloudopties stellen overheden in staat om te voldoen aan specifieke regelgeving en normen die van toepassing zijn op hun sector.

Innovatie en Toekomstbestendigheid:

  • Snellere Innovatie: Cloud Native Technologieën stimuleren innovatie door het gebruik van moderne ontwikkelingsmethoden, tools en faciliteiten als API- & CI/CD-technologie. Hybride infrastructuren laten overheden profiteren van deze innovaties zonder hun bestaande systemen volledig te vervangen.
  • Toekomstbestendig: Door te investeren in hybride architecturen kunnen overheden zich aanpassen aan snel veranderende technologische landschappen en gemakkelijker nieuwe technologieën integreren.

Verbeterde Gegevensbeheer:

  • Centralisatie en Distributie: Hybride infrastructuren bieden de mogelijkheid om gegevens centraal te beheren terwijl ze lokaal beschikbaar zijn waar nodig. Dit verbetert de gegevensintegriteit en -toegankelijkheid.
  • Dataherstel en Veerkracht: Cloudservices bieden uitstekende mogelijkheden voor back-up en herstel, wat de veerkracht van overheden vergroot in het geval van onverwachte gebeurtenissen.

In de praktijk implementeren centrale en decentrale overheden hybride infrastructuren door bestaande on-premises systemen te integreren met cloudservices van verschillende providers. Deze aanpak stelt hen in staat om de voordelen van zowel lokale als cloudgebaseerde bronnen te benutten. Bijvoorbeeld, door kritieke workloads in een private cloud te houden en minder gevoelige gegevens naar de openbare cloud te verplaatsen, kunnen overheden een optimale balans vinden tussen beveiliging en flexibiliteit.

Daarnaast maakt de keuze voor multi-cloudservices overheden minder afhankelijk van één enkele leverancier. Dit bevordert concurrentie, biedt onderhandelingskracht en voorkomt vendor lock-in. Overheden kunnen profiteren van de sterke punten van verschillende cloudproviders, zoals specifieke diensten, prijzen en geografische beschikbaarheid.

In conclusie is de overgang naar Cloud Native Technologieën voor overheden niet langer een optionele strategie, maar eerder een noodzaak om de dienstverlening te verbeteren, kosten te optimaliseren, de veiligheid te waarborgen en klaar te zijn voor toekomstige innovaties. Hybride infrastructuren in combinatie met multi-cloudbenaderingen bieden een uitgebalanceerde en praktische oplossing om deze transformatie succesvol te realiseren. Door te investeren in deze technologieën kunnen overheden niet alleen hun bestaande uitdagingen aanpakken, maar ook een solide basis leggen voor een meer wendbare en innovatieve toekomst.

Het jaar 2024 moeten belangrijke besluiten worden genomen binnen de overheden. Technologie schrijnt voort met steeds grotere schreden. De druk om te gaan versnellen neemt toe vanwege teruglopende of ontbrekende capaciteiten en expertise. De weg is open om samen te werken aan samenwerking met de grote verscheidenheid aan marktpartijen. Uitdagingen te over, maar ook kansen genoeg om te gaan benutten. Wie interesse heeft laat zich vast en zeker horen…

(c) 2023 R.J. Raats

Voorwoord: De inspiratie voor het blog deze keer is voorgekomen uit de combinatie van de dagelijkse ervaringen in de samenleving, de ontwikkelingen die zich momenteel in Europa voordoen en de cursus Internationaal en Veiligheid welke ik momenteel volg aan het Clingendael Instuut. Het delen van inzichten met elkaar op allerlei niveaus helpt om meer begrip te krijgen voor de woorden veiligheid en vrijheid. En vooral voor de toekomst van u en mijn kinderen omdat we hen een toekomst gunnen waar veiligheid en vrijheid centraal staat en blijft staan…

In Nederland leven we gelukkig al meer dan 75 jaar in vrijheid. We mogen als bewoners van dit mooie land koesteren dat we ons dagelijks veilig mogen voelen omdat er geen oorlogssituatie heerst zoals in vele delen op de wereld wel van toepassing is. In vrijheid leven en veiligheid mogen ervaren houdt echter veel meer in dan alleen leven in een land waar geen oorlog is. Het in vrijheid mogen hebben en uiten van mening is een van de grondrechten in een geciviliseerde samenleving. In het verleden heb ik een boeiende reis mogen maken met mijn zoons naar Normandië. Als onderdeel van de opvoeding heb ik gemeend hen te moeten meegeven dat onze vrijheid mede te danken is aan de vele gesneuvelde soldaten uit de vele delen van de wereld. Zij hebben hun leven gegeven om Europa en Nederland te bevrijden. Zij verdienen nog dagelijks ons respect voor de vrijheid die zij ons hebben gebracht. Laten we mede daarom de veiligheid en vrijheid in onze samenleving ook samen koesteren.

Ik vond het belangrijk om mijn kinderen al vroeg te leren dat in vrijheid zonder oorlog te mogen leven ook vraagt om bewustzijn van wat het leven inhoudt. Er zijn echter duidelijke randvoorwaarden van toepassing met betrekking tot het recht van veiligheid en vrijheid. In Nederland zijn vele normen en waarden voortgekomen uit een christelijke fundament. Een van de waarden gebaseerd op dat fundament is om respect te hebben voor elkaar en waar mogelijk bij een meningsverschil uit te gaan van het vinden van consensus. Je hoeft het niet altijd eens te zijn met elkaars mening, maar we lossen het gezamenlijk op door te zoeken naar de ‘gulden middenweg’ als oplossing. Het spreekwoord ‘water bij de wijn doen’ is een mooi voorbeeld van het rekening houden met elkaars gevoel bij het zoeken naar consensus. Je kunt elkaar perfect het gevoel van veiligheid geven als de ander de vrijheid geeft om te mogen staan voor een eigen mening. Als je deze lijn van denken en doen aanhoudt dan hebben de woorden vrijheid en veiligheid daadwerkelijk betekenis.

Veiligheid en vrijheid vormen een belangrijk deel van de fundering van onze Nederlandse samenleving om daadwerkelijk samen te kunnen leven op de kleine omvang van ons land. Vanuit dit gedachtegoed is het ook begrijpelijk dat wij standaard geen gevoel van ‘oorlog’ in ons DNA hebben zitten. Als je al meer dan 75 jaar zonder oorlog leeft in je land dan is het gevoel van moeten vluchten ook uit het DNA verdwenen.

Na de val van de Berlijnse muur op 9 november 1989 heeft in Europa het woord vrijheid een stevige betekenis gekregen. Het was voor velen een totale bevrijding en de weg naar het leven in alle vrijheid. Het was ook het moment dat men in Europa dacht dat het hebben van een militaire organisatie niet meer nodig was. Enorme besparingen op Defensie uitgaven werden doorgevoerd in geheel Europa. Vele verdragen werden na de Tweede Wereldoorlog gesloten om de veiligheid in Europa te kunnen garanderen. Van inperking van wapentuig tot het het beschermen van de mensenrechten werden vanuit intensief overleg tussen de Europese landen vastgelegd in officiële verdragen. Veiligheid en vrijheid waren essentieel om te garanderen aan de Europese bevolking. In 1949 werd in Washington het belangrijke verdrag door 30 landen ondertekend waarmee de North Atlantic Treaty Organization (NATO) werd opgericht. Het belangrijkste doel van de NATO is om vrijheid en veiligheid op politiek en militair vlak in de geallieerde landen te waarborgen. De bundeling van de krachten met de grootmacht Verenigde Staten heeft lang gezorgd dat er stabiliteit in Europa was. Terecht schrijf ik was, want stabiliteit is alleen goed mogelijk als er zogenaamde bufferzones bestaan tussen de grootmachten. Het bestaan van deze bufferzones zijn cruciaal om het gevoel van balans te behouden. Het was namelijk een utopie om te denken dat er nooit meer een militair geschil zou komen in het vrije Europa. Als er onbalans komt in de bufferzones dan is de kans groot dat er op het Europese grondgebied of daaromheen toch een geschil zou kunnen oplaaien tot een militaire escalatie.

Momenteel vindt er een verschrikkelijke oorlog plaats in de Oekraïne. Een land dat een duidelijke bufferfunctie heeft tussen de grootmacht Rusland en het vrije Europa waarin wij mogen leven. Het heeft iedereen weer het bewustzijn bijgebracht dat alleen al het hebben van een sterke militaire organisatie van cruciaal belang is om de vrijheid te kunnen waarborgen. Wij waren het gevoel van de kans op oorlog helemaal kwijtgeraakt in Europa. De besparingen in alle Europese landen op Defensie eisen nu hun tol. De afspraken met de NATO voor 2% NBP als financiering voor Defensie werden decennialang genegeerd. Echter nu op nog geen 2100 kilometer van Nederland zich een ernstig gewapend conflict heeft ontketend, wordt nu met man en macht gewerkt aan het herstellen van de Europese krijgsmachten in den landen. We worden ineens heel bewust gemaakt dat veiligheid en vrijheid een enorme prijs eist. Het bewustzijn maakt dat de roep om uitbreiding van mens en materieel voor Defensie in de Europese landen nu stevig klinkt. Alleen dat herstel doe je niet met een vingerknip. De bundeling van krachten van alle landen in Europa is noodzakelijk om het Europese grondgebied veilig te houden. De NATO betekent nu nog meer dan voorheen!

Over de oorzaak van het conflict ga ik niets zeggen want daarvoor heb ik niet genoeg inhoudelijke kennis. Daar buigen dagelijks vele diplomatieke, politieke en militaire gelederen zich over, in de hoop dat het militaire conflict teruggebracht kan worden tot het niveau van diplomatiek overleg. In de tussentijd zijn de gevolgen dat vele mensen huis en haard hebben moeten ontvluchten om de veiligheid op te zoeken. Deze mensen zijn geconfronteerd met verschrikkelijke ervaringen. Ongewild hebben zij het gevoel van oorlog en alle daaraan verbonden heftige ervaringen meegekregen. Van het verlies van geliefden tot het kwijtraken van huis en haard zorgen dat er zware traumatische gevolgen zijn. In Europa vangen we vele mensen uit diverse oorlogssituaties in de wereld op. Wij weten wat het is om te mogen leven in veiligheid en vrijheid en gunnen iedereen hetzelfde te mogen ervaren. Echter betekent het ook dat als we geen oog hebben voor wat er nodig is om opvang te laten slagen, dat er een gevoel van afname van veiligheid en vrijheid bij de Nederlandse burgers gaat ontstaan. De enorme instroom van mensen op de vlucht voor oorlog wordt daarnaast vertroebeld door vele mensen die gedreven zijn door economische belangen. Het is een complexe materie als je je er serieus in verdiept. Het vraagt om een stevige nuance van wat er daadwerkelijk speelt en welke oplossingen er noodzakelijk zijn.

De voorgaande context vond ik belangrijk om te schetsen om terug te komen op de veiligheid en vrijheid die we in Nederland (lees: ook Europa) mogen ervaren. De weerstand tegen opvang neemt zienderogen toe. Dialogen worden op vele vlakken op ongenuanceerde wijze gevoerd, terwijl als je het probleem van instroom wilt oplossen, juist de nuance van cruciaal belang is. Het moment van ‘water bij de wijn doen’ is momenteel ver te zoeken. Mede door de interne problemen in Nederland als tekort aan woonruimte, bouwbeperkingen door stikstofproblematiek, toenemende geweldsincidenten in druk bevolkte gebieden en stijgende belastingdruk en wat al niet meer zorgt voor het gevoel van verlies van veiligheid en vrijheid. Gelukkig zitten we nog ver van de situatie van oorlog, maar vergeet niet dat burgerlijke onrust een eerste stap is naar escalatie van het dialoog met elkaar. Het zoeken naar consensus met elkaar om problemen op te lossen wordt met de dag lastiger als we zien hoe het politieke speelveld in Nederland aan het veranderen is. De druk op de Nederlandse bevolking stijgt door de vele vrijheidsbeperkende maatregelen die genomen worden. En het draagvlak voor deze door de politieke genomen maatregelen nemen met de dag af. Het wegnemen van het gevoel van vrijheid, van de keuze van klimaatbeschermende maatregelen tot gedwongen maatregelen voor verspreiding van opvang, zorgt voor onrust. Juist in een moment van tijd dat er steun in de samenleving nodig is om tot oplossingen te komen.

Wie weet er in deze brei van problemen nog de juiste koers uit te zetten? Hoe krijgen we de rust terug in Nederland als sterke baken in Europa? Vragen die mij als (groot)vader dagelijks bezighouden omdat ik mijn maar ook uw kinderen een veilige toekomst in alle vrijheid wil schenken. Dan moeten wij als generatie die nu aan het stuur staat, ook zorgen dat we de problemen oplossen. “Verbeter de wereld, begin bij jezelf” is een spreekwoord dat heel erg van toepassing is. Of je nu vanuit de persoon kijkt, of vanuit het land of vanuit het continent of vanuit welke samenwerkingsvorm dan ook. Je moet in de spiegel durven kijken of je wel met de juiste dingen bezig bent om veiligheid en vrijheid te beschermen voor jezelf en de samenleving. Misschien heb ik een te groot ideaal beeld dat vrijheid en veiligheid er altijd moet zijn, maar als ikzelf niet werk aan het nastreven van deze twee noodzakelijke punten, wie werkt er dan wel aan? De voor ons in 75 jaar aanwezige vrijheid en veiligheid moeten we blijven koesteren en uitdragen. We moeten onze politieke bestuurders bewust blijven wijzen op de kernwaarden die Nederland zo’n mooi land maakt en deze waarden als grondvesten (vastgelegd in onze grondwet) blijven bewaken. Het betekent dat we soms impopulaire besluiten moeten nemen die politiek wel eens tot gevolgen kunnen leiden, maar noodzakelijk zijn om terug te keren naar het dialoog. Het causale verband tussen tekort aan huizen en het in het verleden aantal benoemde Natura2000 gebieden is pijlijk duidelijk geworden. Waarom moest Nederland bijvoorbeeld zoveel gebieden aanwijzen als Natura2000 ten opzichte van de andere Europese landen?

Wij zijn van huis uit in Nederland echte natuurliefhebbers. Het draagvlak om natuurgebieden te beschermen is altijd groot geweest. Het stikstofprobleem is, vergeleken in Europa, in Nederland een enorme blokkade momenteel voor bouw van huizen. De Raad van State heeft hier een duidelijk signaal gegeven over het feit dat als je afspraken maakt, je deze ook moet nakomen. Wil je dit probleem oplossen dan moet je naar meerdere factoren gaan kijken. En ja, daar hoort ook de evaluatie van de gemaakte afspraken over het aantal Natura2000 gebieden bij. Politiek ogenschijnlijk een onhaalbare te spelen kaart, maar mogelijk wel noodzakelijk om terug te keren naar het realisme van vandaag. Willen we de Nederlandse bevolking de vrijheid blijven geven op eigen woonruimte, dan moet er meer betaalbare huizen worden gebouwd. Als je de echte vluchteling een veilige basis geven in Nederland dan moet daar plaats voor zijn, maar ook de onderscheiding van wat de echte vluchteling is. En zij die geen recht op verblijf hebben ook laten terugkeren. Of gaan we mensen die nergens recht op hebben toch handhaven en in de illegaliteit laten verdwijnen? Met alle gevolgen voor onveiligheid voor de persoon zelf en de Nederlandse samenleving doordat er kansen op crimineel gedrag ontstaat. Je moet toch ergens van leven! Het zijn allemaal vragen die er in de samenleving leven. Er moeten keuzes worden gemaakt die moeten leiden tot het (hernieuwd) borgen van de veiligheid en vrijheid in Nederland en de rest van Europa. Er is dus niet één oplossing die alle problemen in één stap wegneemt.

We mogen ons nog steeds gelukkig prijzen dat we kunnen genieten van veiligheid en vrijheid, maar laten we bewust zijn dat het geen gemeengoed is. We moeten er allemaal op alle vlakken op alle niveaus in al haar facetten energie aan geven om gezamenlijk te komen tot oplossingen die ons uit het negatieve spiraal halen. Als we niets doen en toekijken dan vrees ik dat onze veiligheid en vrijheid op termijn nog meer gaat verminderen tot we het niet meer in dialoog met consensus kunnen oplossen… De zon schijnt voor iedereen, laten we met elkaar de goede keuzes maken en stappen nemen om de veiligheid en vrijheid te beschermen voor onszelf en onze medemens in Nederland, in Europa, in de wereld…

c) 2023 R.J. Raats

P.S. Dit blog is geschreven op persoonlijke titel. U hoeft mijn mening zeker niet te delen. Ook ik heb respect voor een andere mening. In vrijheid heb ik mijn blog geschreven omdat ik de veiligheid voor u en mij van essentieel belang vind. En hoop dat het u aan het denken zet hoe u in uw eigen omgeving kan bijdragen aan de veiligheid en vrijheid ongeacht waar u woont, leeft en werkt. Iedereen heeft recht op veiligheid en vrijheid.

Bronnen:
Het Noord-Atlantische Verdag (NATO) 4 april 1949 te Washington (U.S.A.)
Duitse eenwording & Europa
Europese Unie

Maandagmiddag 30 januari mocht ik te gast zijn bij de conferentie ‘Samenwerken aan een Integraal Skillpaspoort’ georganiseerd door de Hogeschool van Amsterdam in samenwerking met de Gemeente Amsterdam, het House of Skills, UWV en vele belanghebbenden w.o. werkgevers, vakbonden, opleidingsinstituten, onderwijsinstellingen, branche- en vakverenigingen, onderzoeksbureaus, validatiepartners en technologiepartners. Onder leiding van dagvoorzitter Hans Cremer van de Hogeschool van Amsterdam werden de aanwezigen getrakteerd op boeiende discussies over het belang van skills, geprikkeld met vragen over kansen en uitdagingen voor de inzet van skills als bemiddelingsmiddel tussen mens, arbeid & onderwijs en gestimuleerd om gezamenlijk te komen tot het formuleren van zeven innovatieve projecten m.b.t. skills en skillspaspoort in de verschillende sectoren. De cruciale vraag is natuurlijk of de arbeidsmarkt rijp is voor deze belangrijke transitie!

Sfeerimpressie van conferentie ‘Skillspaspoort in Amsterdam’

Het doel van het Skillspaspoort, (mijn eigen interpretatie) is om ieder mens een eerlijke kans te geven om met zijn of haar talenten, passie, competenties, vaardigheden en andere persoonlijke kenmerken een eerlijke kans te geven op het verwerven van een waardevol inkomen. Voor ieder mens is een gezond inkomen een belangrijke basis in het leven. Vroeger spraken we bij bijzondere projecten voor jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt over de vier W’s die zorgden dat zij succesvol werden bij de arbeidsintegraties, t.w. Werk, Woning, Welzijn en Wederhelft. Als deze vier, met Werk voorop om inkomen te hebben, een goede plaats kregen in het leven van zo’n jongere dan kwam men zeker tot succes… maar ook tot de ontdekking dat Werk de sleutel was naar meer…

Doel van de conferentie is om middels het Skillspaspoort het dialoog te starten voor het in beweging krijgen van de arbeidsmarkt. Het moet werkgevers in de gelegenheid stellen om potentiële werknemers op een andere wijze dan nu te gaan selecteren, maar ook de nostalgische functiehuizen om te gaan vormen naar meer skills-gericht denken en doen. Het moet beide partijen op relatief eenvoudige wijze bij elkaar brengen, centrale en de-centrale overheden stimuleren om projecten te initieren gebaseerd op gevalideerde competenties, vaardigheden en specialiteiten waardoor meer mensen een eerlijkere kans krijgen op de arbeidsmarkt!

De missie voor de komende tijd is om samen met alle betrokkenen bij de arbeidsmarkt te komen tot heldere geaccepteerde (bestaande) definities voor zowel arbeidsmarktprojecten als bij de adoptie van bestaande competentiemodellen (zoals bijvoorbeeld het e-CF voor de kwalificatie van IT-compententies) voor het matchen van mens, arbeid en onderwijs.

Het gaat om het momentum waarop iedereen beseft dat “morgen dagelijks brood” een essentieel gegeven is! Zijn we met z’n allen klaar om de arbeidsmarkt naar een volgende fase van innovatieve oplossingen te brengen? Het tekort van gekwalificeerde arbeidskrachten is continu het gesprek van de dag aan menig directietafel, maar is dat niet het ouddenken? “Als je alles blijft doen zoals je altijd deed, dan mag je geen andere uitkomst verwachten!” is een veel gebezigde uitspraak.

De roadmap voor de projecten…

Nu er weer vele grote reorganisaties op sprong staan, is het ultieme momentum daar om de eerste stappen te gaan zetten voor omvorming van de arbeidsmarkt. Het betekent nogal wat om anders te gaan denken en doen. De beleving over denken in skills is géén hype! Het is een serieuze innovatie ondersteunt door middel van diverse technologische oplossingen. Echter begint het bij het anders willen denken en doen. Het Skillspaspoort vormt in mijn ogen een essentieel onderdeel om de transitie van de arbeidsmarkt te gaan ondersteunen. De volgende vragen spelen dan op:

  1. Durven werkgevers in rollen (taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden afgekort TBV’s) te gaan denken in plaats van vastomlijnde functies? Gaan we de nostalgische functiehuizen nu eindelijk transformeren naar skills bestaande uit competenties, vaardigheden en andere persoonlijke kenmerken en die dan belangrijker te vinden dan een functiebeschrijving? En nog belangrijker, gaan we de stap maken om te stoppen met zoeken naar de schaap met de vijf poten, maar een betere focus te hebben voor jobcarving (het splitsen van functies in TBV’s)?
  2. Durven opleidingsinstituten en scholen te gaan omdenken naar modulair 3D onderwijs zoals Jef Staes al jaren promoot? Gaat het diploma voor meerjarig onderwijs dan eindelijk gesplitst worden in certificaten, EVC’s en andere soorten van validaties?
  3. Durven de vakbonden de transitie van de arbeidsmarkt te gaan ondersteunen door met werkgevers over andere vormen en kwantificeringen van waardering van arbeid en arbeidsvoorwaarden te gaan spreken? Samen hand in hand met de werkgever ten gunste van de mens als belangrijke factor voor het bestaand van het bedrijf?
  4. Durven overheden het voortouw te nemen in het formaliseren van het skillspaspoort door deze te koppelen aan de ware identiteit van de mens? Gaan we ooit komen tot een officieel document dat alle bescherming krijgt vanuit de daartoe bevoegde overheden? Zowel bescherming van de privacy als het centraal voorzien van een persoonlijke kluis met de wenselijke informatie van toepassing op de arbeidsmarkt?
  5. En bovenal, durft de mens vertrouwen te hebben in de processen en technologische oplossingen dat persoonlijke data op een veilige wijze opgeslagen kan worden en alleen met toestemming van de mens zelf en uitdrukkelijk eigen besluit de informatie beschikbaar gesteld kan worden aan werkgevers, opleidingsinstituten, onderwijsinstellingen, validatiepartners, matchingplatformen en andere belanghebbenden bij de arbeidsmarkt?

Al vele jaren zet ik mij persoonlijk in om de maatschappelijke verandering van de arbeidsmarkt te stimuleren. De mens benaderen vanuit een totaal ander perspectief waardoor iedereen een eerlijke kans krijgt op het verwerven van een eerlijk inkomen passende bij de uit te voeren werkzaamheden en verantwoordelijkheden! 

Of het nu gaat om voorkomen van arbeidsdiscriminatie door leeftijd, geslacht, afkomst, etniciteit of beperking, de arbeidsmarkt moet met innovatie worden gestimuleerd om te veranderen. De mens als meest waardevolle factor in onze samenleving moet weer centraal worden gesteld. Vandaag heb ik de nodige inspiratie opgedaan tijdens de conferentie. Heel veel bevlogen mensen die ieder vanuit een eigen perspectief een bijdrage wensen te gaan leveren of reeds leveren. De hoop die ik uit spreek is dat men gaat denken in ecologische samenwerkingsverbanden.

“Samenwerken aan samen werken” is het motto dat ik graag verbind aan vandaag, met als waardevol middel het Skillspaspoort. Vanuit mijn dagelijks werk, de persoonlijke drijfveer om maatschappelijk te willen bijdragen en de aanwezige ervaring & professionaliteit draag ik dit initiatief zeker een warm hart toe. Samen met de de andere betrokkenen ga ik graag kijken hoe we een project kunnen formuleren dat recht doet aan het vormgeven van het Skillspaspoort, als toegangsmiddel voor de diverse en inclusieve arbeidsmarkt voor iedereen die het lef heeft om zijn of haar passie te benutten om volledig vanuit de eigen talenten en persoonlijke skills een waardevolle toekomst op te bouwen. De bereidheid bij werkgevers is volgens mij volop aanwezig, de vakbonden kunnen een belangrijke inspirator zijn om mee te denken over de aanpassingen van waarderen van te verrichtte arbeid, onderwijsinstellingen kunnen van grote betekenis zijn bij het leveren van modulair onderwijs en alle andere betrokkenen kunnen gezamenlijk de ecologie van de arbeidsmarkt versterken met technologische oplossingen en validatiefaciliteiten.

Waar wachten we nog op? Wat is er nu nog nodig om de transitie te gaan inzetten?

(c) 2023 Richard J. Raats

Leestip: Blog ‘Iedereen is talentvol!’

“Be the change you wish to see in the world!” (Ghandi). Deze quote heeft eigenlijk alles in zich dat de kern vormt van verandering, namelijk het redeneren vanuit het centrale punt van het leven. Je kunt het zien vanuit het perspectief van de organisatie, de klanten, de medewerkers, de leveranciers doch altijd geldt het belang van de mens als het centrale punt in de ecologie & besluitvorming. Wij zijn als mens de grondvesten van verandering en zorgen gezamenlijk voor impact!

Albert Einstein - Ego equals 1 divided by Knowledge

Alvorens we deze denkwijze kunnen loslaten op de verschillende facetten van verandering, is het belangrijk om de klokken gelijk te zetten qua denken. Een van de manieren om te komen tot koersbepaling van een organisatie is dat je met elkaar moet vaststellen waartoe de organisatie op aard is. En nog belangrijker om de basis van het bestaansrecht te bepalen en begrijpen. Deze fase is van essentieel belang omdat de uitgangspunten van de organisatie, de doelgroep van klanten, de expertise van mensen en last-but-not-least de missie van het management duidelijk moeten zijn of worden.

We lopen de verschillende genoemde elementen eens langs om voor onszelf te kunnen bepalen of en zo ja waar, veranderingen uit kunnen bestaan. Of is de organisatie al voorbereid op de toekomst en zit ‘het continu veranderen al in de genen?’ Laat ik helder zijn, en ongetwijfeld zijn vele mensen in het vakgebied Transformatie met mij eens, ‘de enige constante in het leven is verandering’ (Einstein). Ongeacht op welk vlak van bedrijfsvoering je gaat kijken, geen enkel element van de organisatie kun je in standhouden zonder er met regelmaat kritisch naar te kijken of morgen nog steeds relevant is aan wat we heden ten dage aan het doen zijn. De veranderingen in de wereld maken dat we continu serieus moeten kijken naar de ontwikkelingen die op ons afkomen als organisatie, en als mens.

Het is daarom van belang om hiervoor als organisatie slimme methodieken in te zetten als Lean en Agile om kort-cyclisch continu veranderen mogelijk te maken. Echter! Echter is het uitermate belangrijk om dit wel vanuit het hoogste perspectief van ‘waardevermeerdering’ te blijven bepalen. De Japanse bedrijfscultuur is niet voor niets succesvol te noemen. Daar wordt altijd eerst het hoogstgelegen doel bepaald. “Wat voegt onze organisatie toe aan het leven op lang termijn?” Het klinkt vreemd als je weet dat hiervoor een termijn van 50 jaar wordt benut. Het klinkt als een contradictio in terminis om een horizon te schetsen op 50 jaar als organisatie, maar daarentegen op dag dagelijkse basis kort-cyclisch te acteren. Hier wordt echter door de Japanners een duidelijke basis gelegd voor duurzaamheid en het ecologische stelsel dat onze wereld nodig heeft om te blijven bestaan. Om mensen uitzicht te geven op een toekomst, op een visie, op kansen en uitdagingen, maar nog meer om te zorgen dat veranderingen in de dagelijkse structuur mogelijk is, zolang je maar naar de horizon kijkt.

Akerhill Management - triangelvaninnovatie

De horizon (lees: grondvesten) van iedere organisatie moet gebaseerd zijn op de ‘waardevermeerdering’! Het verschil van uitvoering zit in het feit op welk specifiek vlak – sociaal of economisch – men deze vermeerdering van waarde wenst te realiseren. Het model van Tracy & Wiersma – Customer Intimacy, Product Leadership en Operational Excellence – wordt in vele managementopleidingen gebruikt om inzicht te geven aan de basis voor de besturing en focus van een organisatie. In combinatie met de methodieken van Lean, met name het gebruik van de X-Matrix en A3, is de scherpte aan te brengen bij het management om duidelijkheid te zijn over de wenselijke koers en de executie, inclusief de noodzakelijke Key Performance Index (KPI’s) of Targets To Improve (TTI’s). Het zijn de onmisbare factoren voor succesvol uitvoeren van transformaties!

Akerhill Management - Apollo Leaders IT Transitie Programma 2019-2024

Wanneer we de voorgaande tekst daadwerkelijk echt op ons laten inwerken. Dan wordt het langzaam duidelijk dat innovatieve technieken leiden tot technologische ontwikkelingen die voor een substantiele waardevermeerdering kunnen zorgen en realisatie van de horizon. We kunnen nimmer spreken van vervangen van de mens, of overbodig maken van de mens, maar wel van het verbeteren van de levenskwaliteit van de mens. Door onveilige, saaie en repeterende activiteiten te standaardiseren en automatiseren. Het betekent een verschuiving van de kerntaken van de mens in het arbeidsproces. Maar ook het verbeteren van de kwaliteit van het leven door een betere werk-privébalans te faciliteren. En hier komt de horizon en de dagelijkse gang van zaken weer in lijn met elkaar. Kortom, kort-cyclisch denken mag. Zelfs als dat gericht is op korttermijn realisatie van economische doelstellingen, tenzij je het hoogste doel uit het oog verliest, namelijk “Welke waarde voeg je als organisatie, medewerkers, klanten, mensen gezamenlijk via ecologisch stelsel toe aan de wereld?”

De mens staat centraal in onze wereld! Als we beseffen dat de mens op aarde een grote relevantie heeft, waarom kijken vele organisaties dan helaas zo kortzichtig naar de belangrijkste factor van een organisatie, namelijk dé mens! Als consument is dé mens waarop gericht wordt om tot waardevermeerdering te komen, maar in de organisatie (in de rol van medewerker) wordt de mens gezien als een serieuze kostenpost. Hoe bizar is dit eigenlijk? Mijn persoonlijke mening is dat het een cultureel aspect is om in een organisatie te kijken naar de mens als kostenpost. In plaats van dat er expliciet wordt gekeken naar hoe dé mens, in de rol van medewerker, een substantiele bijdrage kan leveren aan de waardevermeerdering. En daarmee aan het hogere gelegen doel van de organisatie, “Wat voegen wij daadwerkelijk toe aan de wereld?”

sustainablegoals

Hiervoor moet je telkens inzicht hebben in de doelstellingen en focus van de organisatie. Om continu kort-cyclisch te kunnen bepalen of de bestaande kwaliteit en kwantiteit van expertise (en de ontwikkeling daarvan) past bij het realiseren van de doelstellingen en veranderende vraagstellingen van klanten. Het is een typisch “Yin Yang” effect om te bepalen of je een bepaald product, dienst, project, activiteit etc. kan/wil uitvoeren ter vermeerdering van de waarde versus heb ik de expertise in huis of ontwikkelen wij de expertise of betrek ik deze extern? Alleen op deze wijze krijg je het balans zuiver tussen opbrengsten/uitgaven, tussen baten/lasten, tussen profit/lost, om de keuze weloverwogen te maken voor waardebepaling.

Het ‘Wat’ is nu bij iedereen wel duidelijk. De wijze van denken over het ‘Hoe’ volgens mij ook wel. Maar om te komen tot daadwerkelijke executie hiervan moet je in detail duiken. Dan moet je weten welke persoonlijke kenmerken als kennis, kunde en kwaliteit – bestaande uit competenties, vaardigheden, vakkennis, ambitie en passie huist er binnen de organisatie. Is dat objectief dagelijks realtime inzichtelijk op managementniveau? Dit onderwerp ‘inzicht in kwaliteit’ heeft al meerdere jaren mijn speciale aandacht, omdat dé mens centraal staat. Het antwoord van vele organisaties op de vraag “Hoe goed is jouw inzicht?” komt steevast het ultieme standaardantwoord “Ja, wij weten precies wat we in huis hebben!” Maar is dat zo? Beschik je als organisatie over een realtime objectief overzicht van ‘Wat heb ik? En wat heb ik nodig? Vandaag, morgen, overmorgen en in de toekomst?’

future-generations

In dit blog heb ik een duidelijke mening over transformatie van organisaties, de stap naar continu veranderen en het belang van het hanteren van een hogere gelegen doelstelling. Het optimaliseren van een organisatie door toepassing van flexibilisering van de uitvoering van arbeid door expliciet in detail te kijken naar dé mens en mogelijkheden. De methodiek SMAK® (Stimuleren, Motiveren, Activeren en Kwalificeren) die ik in de afgelopen tien jaar heb ontwikkeld en toegepast, is samen met daarvoor specifiek – door een Nederlandse High-Potential Tech Start-Up – ontwikkelt innovatief platform inmiddels volledig beschikbaar om transformaties van organisaties te begeleiden. Het is de ultieme combinatie van het inzetten van dé mens en techniek om te zorgen dat onze wereld ook in de toekomst voor onze (klein)kinderen blijft bestaan!

Wanneer durf jij als organisatie, als mens de wereld een stevige SMAK® te geven? Meer informatie? Stuur mij dan gerust een reactie!

Hoorn – Een crisis is geen sinecure! Het Corona-virus doet wereldwijd vele mensen de angst om het hart slaan. Een onberekenbare vijand van de mens heeft zijn intrede gedaan in onze samenleving als een ware sluipmoordenaar in het donker. Het maakt wereldwijd vele slachtoffers zonder aanziens des persoons. Althans dat is de eenvoudige conclusie die ik persoonlijk trek na alle informatie die ik tot mij heb kunnen nemen. Wat mij alleen erg doet verbazen is de wijze hoe verschillend er wordt omgegaan met deze serieuze crisis die voor de medemens in onze samenleving levensbedreigend kan zijn.

Voorwoord
In dit blog wil ik proberen om vanuit mijn expertise in crisismanagement een aantal perspectieven te schetsen die mensen aan het denken zetten. Niet een mening verkondigen want wereldwijd waant iedereen zich al viroloog, medicus of politici. We prijzen gelukkig alle mensen die in de zorg, veiligheid, transport, winkels en alle ondersteunende vakgebieden aan de slag moeten blijven. Zij houden momenteel de samenleving draaiende, want als het daaraan gaat ontbreken dan breekt paniek uit bij ons als mens. De eerste levensbehoefte, zorg en veiligheid zijn nu noodzakelijk en daar zorgen vele mensen nu dagelijks voor! Ik kan niet anders als mijn respect uitspreken voor eenieder die nu verplicht of vrijwillig een bijdrage levert aan het in beweging houden van onze samenleving. Ondanks de persoonlijke risico’s waar deze medemensen mee worden geconfronteerd. Beseft dit vooral goed alvorens u een mening uit. Respect voor elkaar, steun aan elkaar en begrip met elkaar is nu cruciaal, want tegenstrijdigheden zijn er al genoeg in het leven.

Perspectief A: “Lockdown”
In de verschillende landen om ons heen wordt de maatschappelijke mallemolen van het leven compleet tot totale stilstand gebracht. In Frankrijk mogen mensen alleen nog de straat op volgens strakke regels. Iedereen wordt in quarantaine geplaatst in de eigen woonomgeving. De overheid heeft daar bepaald dat het virus met een harde stop tot stilstand gebracht moet worden. De experts – en ook volgens de verklaring van onze regering – is dit een risicovol scenario omdat straks bij het opnieuw opstarten van de maatschappij, het Corona-virus ook weer volledig actief gaat worden. Je last slechts een pauze in, in de hoop dat er een antivirus wordt gevonden en de verspreiding van de besmetting (tijdelijk) wordt gestopt. De economische schade van zo’n zwaarwegend besluit is op voorhand niet in te schatten, maar dat het vele miljarden gaat kosten is een feit. De nuance over de ‘lockdown’ ontbreekt echter totaal in de berichtgeving van de mainstream media. Kun je een heel land totaal in isolement brengen? Het eenvoudige antwoord is nee! Er moeten altijd zaken als zorg, veiligheid, bevoorrading, winkels etc. doorgaan. Dus waar ligt de grens van wat kan en wat niet!

De nuance bij een ‘lockdown’ is volgens mij ook een geheel andere, namelijk het feit dat mensen bij “slechts” beperkende maatregelen zich daar niet aan houden. Ja, in deze leg ik de bal neer bij ons als burger in onze samenleving. Als regering kun je dan maar één besluit nemen en dat is alles stil leggen, en op de achtergrond alle zaken in gang zetten die noodzakelijk zijn om te kunnen herstarten. Niet alleen het versneld trachten tot een antivirus te komen, maar ook wetenschappelijk onderzoek te doen naar het virus, om vervolgens stap voor stap op een gecontroleerde wijze weer de mallemolen te gaan laten draaien. Waarbij alle noodzakelijke beschermingsmaatregelen kunnen worden genomen om de druk op de medische zorg te beperken en het langzaam weer in gang zetten van de economie. Het toepassen van een langere tijd van stilleggen dan de huidige incubatietijd van het virus kan als neveneffect deels meehelpen om het virus te doen afnemen. Het blijft alleen wel koffiedikkijken, want niemand – geen enkele wetenschapper, medicus, politicus of burger – kan exacte voorspellingen doen vanwege de onbekendheid met het virus. We moeten dus met vele onzekerheden omgaan. Het vraagt van degene die moet beslissen dus lef om tot besluiten te komen.

Perspectief B: “Social Distance”
In tegenstelling tot de landen om ons heen, heeft onze regering gekozen voor beperkende maatregelen op basis van hetgeen er dagelijks wordt geconstateerd. Wetenschappelijk onderzoek moet de beslissende organen informeren over wat er wordt vastgesteld en reactief worden de besluiten genomen. Een risicovol besluit om een dergelijke koers te volgen, want je weet vandaag niet wat het virus morgen gaat doen, hoeveel mensen er worden besmet en helaas ook hoeveel mensen zullen overlijden als gevolg van de besmetting. Politieke tegenstanders van deze methode van bestrijden van de crisis noemen het ook wel ‘Russische Roulette’. Als je erover nadenkt en je niet verdiept in de materie dan kan ik mij best wel voorstellen dat deze uitspraak wordt gebezigd. En ik denk dat het ook wel klopt, alleen zie ik een grote maar die ik niet zomaar lukraak kan toedichten aan alleen de beslissers. Het scenario voor het toepassen van opbouwende maatregelen moet in verhouding staan tot de risico’s die er zijn en de verantwoordelijkheid van de individu.

De nuance van dit perspectief is wel duidelijk: Op zich is het vanuit een logische gedachte best te rechtvaardigen dat een dergelijk scenario wordt toegepast. Mits aan een aantal sterke voorwaarden wordt voldaan. We moeten hierbij denken aan tegelijkertijd op meerdere sporen het verrichten van onderzoek naar oorzaak, gevolg, beheersing, bestrijding etc. Maar – en hier komt de befaamde maar – ook de opvolging door iedereen van de afgekondigde maatregelen. En hier zit de crux van het slagen van een dergelijk en ook wel risicovol scenario. Denk je vanuit de liberale gedachtegang dan dicht je verantwoordelijkheid toe aan eenieder en verwacht je dat eenieder ook die verantwoordelijkheid op een goede manier draagt. Helaas blijkt het tegendeel op dit moment in de Nederlandse samenleving. Niet alle maatregelen worden opgevolgd zoals aangegeven, waardoor het virus toch een vrijere loop krijgt dan men hoopt. Daarnaast betekent dit scenario ook dat er minder economische schade ontstaat dan bij een totale stillegging van de maatschappij. En hier gaat de nuance scheef, omdat erop te veel gebieden tegelijk moet worden gehandeld. Als daarbij het aanbod van patiënten voor Intensive Care (IC) de maatstaaf moet vormen voor besluitvorming dan is het risico voor falen erg groot als je de verspreiding van virus niet kan inperken. Het ‘samen de verantwoordelijkheid nemen’ is dus cruciaal in dit scenario.

Resume perspectieven
Wanneer we de beide perspectieven vergelijken dan is scenario B (beperkende maatregelen) sterk afhankelijk van de individuele verantwoordelijkheid van iedere burger, blijven er grote vrijheden in stand en wordt de economische schade beperkt tot de sluiting van niet-noodzakelijke faciliteiten en bedrijven. Als we kijken naar scenario A (totale stilzetting) dan wordt de persoonlijke vrijheid sterk gereduceerd, neemt de regering een sterke verantwoordelijkheid in handen en kan de economische schade oplopen tot astronomische hoogte. In beide scenario’s is tijd een belangrijke factor omdat er in beide gevallen (nog) geen zicht is op een antivirus of inperking van verspreiding. Hier moet veel onderzoek voor worden verricht en vooral ook door internationale samenwerking tot conclusies worden gekomen.

Persoonlijke noot
Het vanuit beschouwing schrijven van een dergelijk blog over de crisis is niet eenvoudig. Als vader en grootvader maak ik mij wel ernstig zorgen over de ontwikkelingen die wij doormaken. De onrust bij mijn kinderen is groot. De kleinkinderen beseffen het gelukkig nog niet. De afgelopen dagen heb ik mij echt meer dan verbaast over het onbezonnen gedrag van medeburgers. Waarom niet de tips en maatregelen accepteren en je verantwoordelijkheid nemen om deze op te volgen? Daardoor is in mijn ogen het scenario van beperkende maatregelen een onhaalbare zaak geworden. Misschien is het mede te wijten aan de wijze waarop de maatregelen (met een lach en een per abuis schuddende hand) zijn gecommuniceerd. Ook kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat de drang om deze crisis politiek te benutten volop aanwezig is.

De kans is in mijn ogen dan ook heel sterk aanwezig dat er straks niet anders besloten kan worden dan een tijdelijke ‘lockdown’ willen we niet in de situatie terecht komen dat we alleen nog kunnen spreken over een grote countdown in 2020. Of te wel een serieuze reductie van de populatie door een massale sterfte onder de risicogroepen. De criticasters onder u zullen nu direct zeggen, deze mensen waren op leeftijd, hadden al iets onder hun leden of beschikte al over een verzwakte weerstand. Alleen als het uw familielid of vriend(in) of collega betreft, hoe kijkt u hier dan tegenaan?

Het blog is zeker geen pleidooi voor een bepaald scenario, maar als een expert op het gebied van crisismanagement weeg ik alle risico’s continu af, identiek zoals het ook gebeurt door alle medici en adviseurs die zich bezighouden met deze crisis, en kan ik niet anders dan vaststellen dat wij – de mens – klaarblijkelijk te veel onze verworven vrijheden liever koesteren dan “even” vrijwillig thuis te blijven. En ons te beperken tot de hoognodige activiteiten als boodschappen halen, waarbij we tevens kortstondig wat minder sociaal te zijn door een gepaste veilige afstand van elkaar te houden.

Ik wens u en allen die u dierbaar zijn, alle gezondheid toe in deze moeilijke tijd. Voor allen die aan de slag zijn om de maatschappij draaiende te houden spreek ik mijn diepste respect uit, houdt jullie eigen gezondheid goed in de gaten. Richting alle medici, wetenschappers en politici kan ik niet anders zeggen dan hen veel wijsheid te wensen om onze samenleving te redden. Laten we de handen figuurlijk ineenslaan en vertrouwen hebben in het verloop, begrip hebben voor misschien wel impopulaire besluiten en hopen op een snelle oplossing. Het thuiswerken is leuk, maar mis wel mijn collega’s ondanks alle goed verzorgde faciliteiten die mij ter beschikking staan!

© 2020 R. J. Raats